|
Geachte lezer
Kerstmis, oud &
nieuw en carnaval, het lijkt nog ver weg. Toch bent u waarschijnlijk al gestart
met de voorbereidingen voor deze feestelijke dagen. Versiering om uw gebouw(en)
weer gezellig en feestelijk aan te kleden voor deze drukke periode hoort daar
bij. Gebruik van brand- gevaarlijke versiering of aankleding eventueel in
combinatie met een volle ruimte kan tot catastrofes leiden. Als brandweer vragen
wij daarom uw bijzondere aandacht voor de brandveiligheid in deze dagen, maar
daarnaast ook gedurende de rest van het jaar. Met het oog op
veilige
feestdagen.
Met deze
informatie en bijgevoegde tips wil de brandweer u graag informeren hoe u de
feestelijke aankleding van uw gebouw op een brandveilige wijze zou kunnen
uitvoeren. Vergeet daarbij niet dat de verantwoordelijkheid voor de zorg en
veiligheid van uw bezoekers en uw personeel in eerste instantie bij u ligt.
Heeft u vraagtekens bij de door u gekozen wijze van versiering vraag dan de
brandweer om advies. Wacht hier echter niet mee tot het laatste moment.
De hieronder
bijgevoegde tips zijn gericht op alle (publieke) gebouwen waarin veel mensen
komen, dus zowel voor de kleinere horeca, sportkantines en winkels als voor de
grotere warenhuizen, discotheken, kantoren en zorginstellingen. De voorschriften
zijn niet alleen van toepassing op versiering voor kerst, Nieuwjaar en carnaval
maar gelden het hele jaar door. Ons advies is daarom het hele jaar door tijd en
aandacht aan brandveiligheid in uw gebouw en organisatie te besteden.
Mogelijk dat uw
gebouw beschikt over een gebruiksvergunning. Alle voorwaarden in deze vergunning
zijn steeds van kracht. Bijgevoegde tips bieden dan een praktisch handvat om
invulling te geven aan het brandveilig gebruik. Bewust is hierbij gekozen voor
het van formele normen en eisen naar bruikbare tips en voorbeelden. Indien u
nadere informatie over de formele voorschriften en of uw specifieke uitvoering
wenst kunt u contact opnemen met de brandweer. Zij dienen u graag van advies.
Brandveiligheid
is veel meer dan op een verantwoorde manier versieren. De balans tussen het
aantal aanwezigen, ontvluchtingmogelijkheden, het gebruik van versiering en uw
interne organisatie enz. vormen de kern van een brandveilig gebruik. Deze
onderwerpen vindt u stuk voor stuk terug in de tips.
Wij verwachten
dat u als eigenaar of exploitant van het gebouw de voorschriften naleeft en
controleert, zodat toegepaste versiering en aankleding voldoen aan de gestelde
eisen. Dit is niet alleen in uw belang maar uiteraard ook in het belang van alle
aanwezigen. De brandweer zal de komende maanden (extra) controles uitvoeren om
te toetsen of u daadwerkelijk aan de voor schriften voldoet. Wordt op dat moment
geconstateerd dat de voorschriften worden overtreden, dan zal rapport worden
opgemaakt en handhavend worden opgetreden.
Indien u omtrent
bovenstaande of de bijlage nog vragen heeft, kunt u contact opnemen met de
medewerker preventie van de brandweer, bereikbaar tijdens kantooruren onder
telefoonnummer 0341-567379 of 0341-553076.
Feestversiering?
Het kan en móet veilig!
Feestversiering en brandveiligheid
Het
kan en moet veilig: extra versiering in uw bedrijf tijdens bijzondere acties en
feestdagen.
Versiering maakt feestelijk, maar het kan een extra risico inhouden als u
brandbare materialen gebruikt. Het spreekt vanzelf dat u als ondernemer op de
eerste plaats verantwoordelijk bent voor de veiligheid van uw gasten. U moet dan
ook de nodige maatregelen treffen om die veiligheid te waarborgen. Om u daarbij
te helpen beschrijft de brandweer hier een manier om versiering veilig toe te
passen. Het gaat daarnaast ook om vluchtroutes, blusmiddelen, verlichting, en
het gebruik van open vuur.
Een calamiteit is helaas nooit helemaal te
voorkomen, maar vooraf kunt u wel zorgen dat een brand niet uit de hand loopt.
Om de veiligheid van uw gasten tijdens bijzondere acties en feestdagen zoveel
mogelijk te waarborgen moeten in uw pand een aantal brandpreventieve
voorzieningen aanwezig zijn. Denk aan voldoende vluchtroutes, goed begaanbare
nooduitgangen, noodverlichting en vluchtwegaanduiding. Deze hebben tot doel,
wanneer zich een incident voordoet, de aanwezige personen snel en kalm naar een
veilige plaats te leiden.
Als er teveel mensen binnen zijn, als de
vluchtmogelijkheden niet goed bruikbaar zijn of als een brand heel snel om zich
heen grijpt, kan het zijn dat mensen niet op tijd kunnen vluchten. Het is zaak
dat u tijdig vóór een bijzonder evenement nog eens aandacht besteedt aan het
aantal mensen dat u wilt toelaten en aan de mogelijkheden om uit het gebouw te
vluchten. Ook de versiering is belangrijk: niet alleen voor een goede sfeer maar
ook omdat de soort versiering bepaalt of een brand snel om zich heen zal
grijpen.
Ga in ieder geval na hoeveel personen u
maximaal toe wil en mag laten. Zorg dat ook uw personeel op de hoogte is van de
bij uw bedrijf geldende afspraken over brandveiligheid. De belangrijkste
voorschriften voor versiering staan in dit document voor u op een rijtje en
verwijzen naar de regelgeving waaruit ze afkomstig zijn.
Niet
alleen voor de kerst
Wij willen voor de duidelijk benadrukken dat
onderstaande regels en voorschriften altijd voor uw bedrijf van
toepassing zijn. Dus niet alleen bij feestelijke gelegenheden of alleen wanneer
er in uw bedrijf extra feestversiering wordt toegepast. Daarnaast gaat deze
tekst slechts over enkele aspecten van brandveiligheid. Voor andere aspecten van
brandveiligheid (zoals bijvoorbeeld het aantal brandblussers en het aantal toe
te laten personen) verwijzen we u naar de brandweer.
Grondslag
De voorschriften in deze richtlijn zijn
afgeleid van de voorwaarden in de Gemeentelijke Bouwverordening. Deze is
vastgesteld door de gemeenteraad. De voorschriften vallen uiteen in 2
categorieën: voorschriften die rechtstreeks zijn ontleend aan de bouwverordening
en praktische uitwerkingen daarvan.
1. Voorschriften rechtstreeks ontleend aan de
bouwverordening of de gebruiksvergunning (met inbegrip van de bijlagen): Deze
teksten zijn herkenbaar aan een rechtstreekse verwijzing naar de tekst van de
verordening. U mag in beginsel niet van deze voorschriften afwijken. Deze
voorschriften zijn echter niet altijd rechtstreeks bruikbaar, omdat:
- De verordening
verwijst naar normen die niet altijd geschikt zijn voor alle
versieringsmaterialen;
- De toepassing
van versieringen in grote hoeveelheden (zoals tijdens evenementen of de
feestdagen) niet altijd overeenkomen met de toepassing zoals in de normen is
bedoel.
2. Praktische uitwerkingen van deze
voorschriften worden vaak aan gebruiksvergunningen voor publieksfuncties en
horecafuncties verbonden. In de hier volgende tekst zijn deze voorschriften te
herkennen aan de tekst: “Afgeleid van de gemeentelijke bouwverordening”.
Heeft u inderdaad een vergunning waarin deze voorschriften
zijn opgenomen, dan gelden deze onverkort;
Heeft u (nog) geen vergunning of zijn deze voorwaarden daarin
niet opgenomen, dan kunt u deze voorschriften zien als een uitwerking van
de voorschriften in bijlage 3 en 4 van de bouwverordening. Met andere
woorden: als u voldoet aan deze afgeleide voorschriften, dan voldoet u ook
aan de rechtstreekse voorschriften.
Er zijn wellicht ook andere manieren om een
gelijkwaardig niveau van veiligheid te bereiken dan in deze tekst is beschreven.
Als u ervoor kiest om van deze tekst af te wijken, moet u als gebruiker bewijzen
dat de veiligheid gelijkwaardig is met het niveau dat de Bouwverordening eist.
Treft de gemeente een dergelijke situatie bij u aan en kunt u de
gelijkwaardigheid (nog) niet aantonen, dan zal de toezichthouder van u verlangen
dat u de situatie wijzigt totdat de gelijkwaardigheid is aangetoond.
Vluchtroutes
(afgeleid van Bijlage 4, gemeentelijke
bouwverordening)
a. De nooduitgangen dienen altijd over de gehele
breedte vrij te blijven en voor direct gebruik gereed te zijn.
b.
De nooduitgangen moeten altijd in de vluchtrichting
draaien en zijn voorzien van de vereiste panieksluitingen. De nooduitgangdeuren
mogen dus niet op slot zijn.
c. In gangen en trappenhuizen die leiden naar een
nooduitgang mag u geen losse goederen opslaan en geen horizontale
of verticale textiel als versiering gebruiken
d. Indien de nooduitgang uitkomt op een binnenplaats
of buitengang moet vanaf die plaats de openbare weg bereikbaar zijn. U moet
ervoor zorgen dat het publiek zich kan oriënteren door middel van verlichting en
dat deze buitenvluchtweg vrij van obstakels is.
e.
Gordijnen voor deuropeningen dienen op de deuren te
zijn aangebracht, zodat zij met de deuren meedraaien en het openen van de deuren
niet verhinderen.
f. Voor de bepaling van het aantal toe te laten
personen in een ruimte of in een gebouw verwijzen wij naar de brochure “Vluchten
bij Brand” van het ministerie van VROM i.s.m. de NVBR. De gemeente kan hierover
nog beleid hebben gemaakt: vraag dus bij de gemeente naar het aantal toe te
laten personen of raadpleeg de reeds verleende gebruiksvergunning.
Blusmiddelen
(Bijlage 4, gemeentelijke bouwverordening)
a. De brandslanghaspels en draagbare blustoestellen
dienen altijd direct bereikbaar en voor direct gebruik gereed te staan.
b. De aanwezige brandblusmiddelen dienen 1 x per jaar
op de goede werking te worden gecontroleerd. Als bewijs hiervan dient een
keuringsbewijs aanwezig te zijn.
Nood- en
transparantverlichting
(bijlage 4, gemeentelijke bouwverordening)
a.
Versieringen mogen nooit het zicht op de aanwezige
transparantverlichting belemmeren of de werking (lichtsterkte) van de
noodverlichting verminderen.
b.
De transparantverlichting moet branden gedurende de
tijd dat publiek aanwezig is.
Aanwezigheid van deskundig
en verantwoordelijk personeel
(Afgeleid van de gemeentelijke
Bouwverordening)
-
Gedurende de tijd dat personen in het bouwwerk aanwezig zijn, moet een voor
de naleving van de eisen verantwoordelijk persoon aanwezig zijn.
- Er
moet doorlopend op worden toegezien dat, indien van toepassing:
-
Vluchtroutes, of aanduidingen daarvan, goed zichtbaar zijn;
-
Vluchtroutes goed bereikbaar zijn;
-
Blusmiddelen goed bereikbaar zijn;
-
Het sluiten van rook- en brandwerende deuren niet wordt belemmerd en dat
deze voortdurend gesloten zijn;
-
Elektrische snoeren, stekkers en toestellen in goede staat verkeren;
-
Geen brandgevaarlijke situaties ontstaan door onveilig gebruik van vuur,
gas en/of elektriciteit;
-
Geen brandgevaarlijke situaties ontstaan als gevolg van de toegepaste
(kerst)versieringen;
-
Meldpunten t.b.v. de ontruimingsalarminstallatie goed bereikbaar zijn;
- Het
personeel dient geïnstrueerd te zijn hoe te handelen bij brand.
Open vuur.
a.
Het gebruik van open haarden is toegestaan. Let wel
op de volgende voorwaarden:
-
Binnen 60 cm van de haard mag u geen brandbare
goederen neerzetten
- Plaats een afscheiding zodat mensen zich niet
binnen 60 cm van de haard ophouden en er omheen moeten lopen;
-Open haard moet zijn voorzien van een doelmatig
vonkenscherm.
b. Verplaatsbare kooktoestellen zoals b.v.
gourmetstellen, fonduestellen en steengrillen mogen niet worden verwarmd door
brandbare vloeistoffen zoals spiritus of brandbare gassen. Het gebruik van
alternatieve brandstoffen zoals b.v. pasta’s of gelachtige materialen is
toegestaan.
c. Maak binnenshuis geen gebruik van “binnenvuurwerk”,
dus geen spuiters, sterretjes en dergelijke.
d. Vermijd zoveel mogelijk het flamberen van
gerechten. Indien u dit toch doet zorg er dan voor dat er tenminste 2 meter
afstand is tussen de vlam en omringende brandbare materialen. Zorg er tevens
voor dat er een extra personeelslid in de directe nabijheid is met een
brandblusser.
e. Het gebruik van kaarsen is toegestaan indien wordt
voldaan aan de volgende voorwaarden:
- Zet kaarsen in een stevige houder op een vlakke
ondergrond.
- De vorm van de houder moet zodanig zijn, dat de
kans op omstoten of omvallen tot het uiterst is beperkt.
- Gebruik geen kaarsenhouders die zijn gemaakt van
plastic of andere gemakkelijk brandbare materialen.
- Plaats kaarsen tenminste 50 cm uit de buurt van
brandbare materialen.
- Steek kaarsen in brandbare kerststukjes niet aan.
Plaats en aard van
versieringen
(bijlage 4, gemeentelijke bouwverordening)
a.
Stoffering en versiering moeten
minimaal 50 centimeter vrijgehouden worden van spots en andere warm wordende
apparatuur, waarvan de oppervlaktetemperatuur meer dan 80 graden Celsius
bedraagt.
b.
Vloer- en trapbedekkingen in
verkeersruimten (dat zijn gangen en trappenhuizen), in vluchtroutes en in
ruimten waarin meer dan 50 personen gelijktijdig kunnen verblijven, moeten
zodanig zijn aangebracht dat zij niet kunnen verschuiven, omkrullen of oprollen
en mogen in geen enkel opzicht gevaar voor uitglijden, struikelen of vallen
kunnen veroorzaken.
c.
Plafondversiering moet zó zijn
aangebracht, dat zij buiten bereik van het publiek hangt. Dit bereikt u door de
versiering op tenminste 2.50 m hoogte aan te brengen.
d.
De toegepaste bekledingsmaterialen
moeten voldoen aan:
NEN 1775, uitgave 1991, klasse T1, ten behoeve van vloeren en trappen;
NEN 6065, uitgave 1991, klasse 2 ten aanzien van overige stoffering en
versiering;
NEN 6066, uitgave 1991, optische rookdichtheid <2.2 m-1, maar niet voor vloeren
en trappen.
Vraag uw leverancier of de
producten die u wilt aanschaffen hieraan voldoen. Uw leverancier moet dit aan
kunnen tonen middels een mee te leveren testrapport.
Versiering veilig toepassen
(afgeleid van de Bouwverordening, bijlage 4
tenzij anders aangegeven)
De bovenstaande
voorschriften hebben niet rechtstreeks betrekking op de kerstversiering die u
misschien op wilt hangen. Hieronder volgt daarom een overzicht van wat u wel en
niet kunt doen om in overeenstemming met deze voorschriften uw gebouw veilig te
versieren.
Kerstbomen
en kersttakken.
a. Het
is niet toegestaan om natuurlijke kersttakken te gebruiken als versiering. Dit
geldt zowel voor plafond- als voor wandversiering. Gebruik in plaats hiervan
brandveilige imitatie-kersttakken (zie voor bijzonderheden onder het kopje "Hoe
herkent u brandveilige versiering?")
b. Plaats
een natuurlijke kerstboom altijd met kluit en voorzie deze dagelijks van
voldoende water. Zo voorkomt u uitdrogen van de boom. (zie ook punt f)
c. Plaats
een kerstboom niet te dicht bij gordijnen of andere makkelijk brandbare spullen.
Dit is om te voorkomen dat de kerstboom “mee gaat branden”.
d. Plaats
een kerstboom (ook een onbrandbare!) zo dat hij de nooduitgang niet verspert,
ook niet als hij is omgevallen. De afstand tussen de boom en een uitgang moet
tenminste anderhalf keer de hoogte van de boom zijn. Dus een boom van 2 meter
plaatst u op tenminste 3 meter van een uitgang. Staat een kleine boom op een
tafeltje, dan telt de hoogte van het tafeltje ook mee!
e. Zorg
ervoor dat u geen clusters van 2 of meer kerstbomen maakt. Als afstand tussen de
kerstbomen kunt u als veilige afstand de hoogte van de boom x 1,5 hanteren. Dus
wanneer de boom 2,5 meter hoog is, moet u een afstand van 1,5 x 2,5 = 3,75 meter
hanteren voordat u weer een volgende boom plaatst. Als een boom toch in brand is
geraakt, branden er niet meteen twee bomen!
f. Elke
kerstboom is een vorm van versiering en dient dus te worden geïmpregneerd (zie
voor bijzonderheden onder het kopje "Hoe herkent u brandveilige versiering?").
Ook een natuurlijke kerstboom. Omdat impregneren specialistisch werk is, zal de
brandweer van u verlangen dat u aantoont dat dit impregneren is gedaan door een
erkend bedrijf met een erkend product. Let erop dat het product geschikt is voor
het behandelen van kerstbomen (levend groen).
g. Zorg
ervoor dat de boom goed stevig staat zodat deze niet gemakkelijk om kan vallen.
Wilt u het heel veilig doen, draai dan een schroefoog in het plafond en maak de
boom daaraan vast. Bind daartoe een stuk staaldraad aan de stam op ongeveer een
vierde van de boomhoogte onder de top. Bevestig vervolgens het andere eind aan
het schroefoog. Omvallen is dan niet mogelijk
h. Controleer
de bedrading van de elektrische kerstverlichting op beschadigingen. Probeer de
installatie eerst uit door de lampjes voor het ophangen een half uur te laten
branden.
i. Gebruik
een gaaf en goed passend verlengsnoer en leg deze zo neer dat er niemand over
kan struikelen. Rol kabelhaspels altijd helemaal af.
j. Doe
de verlichting na sluitingstijd altijd uit. Uitdoen is de stekker uit het
stopcontact halen en niet door een lampje los te draaien.
Toepassing van
hout, hardboard, triplex, multiplex, spaanplaat (overgenomen uit
Bouwverordening, bijlage 4)
a.
Het
materiaal moet ten minste 3,5 millimeter dik zijn.
b.
Het
materiaal moet ten aanzien van vlamuitbreiding kunnen worden ingedeeld in klasse
2, als bedoeld in NEN 6065, uitgaven 1991, en NEN 6065/A1, uitgave 1997.
Toepassing van gordijnen en
ander textiel in verticale toepassing
a.
U mag
verticaal textiel nooit toepassen in gangen of trappenhuizen, maar alleen in
verblijfsruimtes.
b.
Brandbaar
textiel moet door impregneren moeilijk brandbaar zijn gemaakt, of moeilijk
brandbaar zijn geworden door het materiaal op hout, hardboard, triplex,
multiplex of spaanplaat te plakken.
c.
De moeilijk
brandbare hoedanigheid moet blijken uit een navlamduur van ten hoogste 15
seconden en een nagloeiduur van ten hoogste 60 seconden, bepaald volgens
NEN-EN-ISO 6940, uitgave 1995, en moet vallen in de klasse "niet gemakkelijk
ontvlambaar".
Toepassing van textiel in
horizontale toepassing (baldakijnen, hemels e.d.)
a. U
mag horizontaal textiel nooit toepassen in gangen of trappenhuizen, maar alleen
in verblijfsruimtes.
b. Versieringen
in de vorm van vlaggen, parachutes en doeken e.d. moeten zijn onderspannen met
metaaldraad op een onderlinge afstand van ten hoogste 35 centimeter of zijn
onderspannen met een metaaldraad in twee richtingen met een maaswijdte van ten
hoogste 70 centimeter.
c. Makkelijk
brandbaar textiel moet tevens door impregneren moeilijk brandbaar zijn gemaakt
(zie voor bijzonderheden onder het kopje "Hoe herkent u brandveilige
versiering?").
Toepassing
van kunststof folie (overgenomen uit Bouwverordening, bijlage 4)
a.
Het materiaal moet op een ondergrond van
onbrandbaar materiaal zijn geplakt of op board, triplex, multiplex, spaanplaat
of hout in de hiervoor aangegeven hoedanigheid.
Toepassing
van kunststof plaatmateriaal (overgenomen uit Bouwverordening, bijlage 4)
a. Deze
stoffen en alle hiervoor genoemde stoffen en materialen moeten voldoen aan NEN
6065, uitgave 1991, en NEN 6065/A1, uitgave 1997, klasse 2.
b. Deze
stoffen en materialen mogen nadat zij in aanraking zijn gekomen met vuur of
nadat zij aan hoge temperaturen hebben blootgestaan geen prikkelende of voor de
gezondheid schadelijke gassen of dampen ontwikkelen en mogen niet druipen.
Toepassing
van papier zoals behangpapier, crêpepapier en fotopapier
a. Het papier moet zijn geplakt op een ondergrond van onbrandbaar materiaal
of op board, triplex, multiplex, spaanplaat, hout of glas in de hiervoor
omschreven hoedanigheid, dan wel het papier moet door impregneren voldoen aan
NEN 6065, uitgave 1991, en NEN 6065/A1, uitgave 1997, klasse 2.
Hoe
herkent u brandveilige versiering?
Vooraf
geïmpregneerde materialen, van oorsprong veilige materialen; certificaat van de
leverancier
Veel
leveranciers bieden brandveilige, brandvertragende of moeilijk ontvlambare
versieringsmaterialen aan. Deze bestaan soms uit materialen die uit zichzelf al
veilige eigenschappen hebben (zoals aluminium folie), maar het komt ook voor dat
de leverancier de materialen heeft geïmpregneerd (zoals crêpepapier).
In het verleden
is gebleken dat het voor de consument niet eenvoudig is om te zien welke
materialen veilig zijn en welke niet. Vraag uw leverancier dus nadrukkelijk naar
de artikelen met een brandvertragende kwaliteit. Controleer ook of de verpakking
vermeldt dat het om brandveilige materialen gaat. Het is verstandig om de
verpakking te bewaren om aan te kunnen tonen dat het materiaal een
brandvertragende kwaliteit bezit.
Ook zijn soms
certificaten in omloop, die namens de fabrikant aan de afnemers worden
uitgereikt. Koopt u zo’n product, vraag dan om een certificaat van het product
dat u koopt en bewaar het in uw bedrijf. Een toezichthouder kan verlangen dat u
een certificaat laat zien.
Als de
materialen uit de verpakking zijn gehaald, is echter nauwelijks meer te
achterhalen aan welke eis het materiaal precies voldoet. Het kan dus zijn dat
een toezichthouder namens de gemeente uw versieringen alsnog wil beproeven. Hij
zal daarbij een vaste testmethode toepassen, die hieronder is beschreven.
Na aankoop
geïmpregneerde materialen, impregneren; certificaat van de toepasser
Het impregneren
van materialen is een specialistische bezigheid. U moet dit dan ook laten
verzorgen door een gespecialiseerd bedrijf. Indien u materialen laat impregneren
dient u een schriftelijk bewijs te vragen, waarmee het bedrijf aantoont dat het
materiaal door de behandeling aan de gestelde eisen voldoet.
Let u er in
ieder geval op dat het bedrijf dat de materialen impregneert gecertificeerd is
volgens een norm uit de ISO 9000-reeks, die van toepassing is op de activiteiten
waarvoor u opdracht heeft gegeven.
Waar
koopt u brandveilige versiering
Om te
voorkomen dat u lang moeten zoeken naar bedrijven die stofferingen en
versieringen brandvertragend kunnen impregneren en/of brandvertragende
impregneermiddelen leveren, heeft uw gemeente een overzicht van een aantal
namen, adressen en telefoonnummers van dergelijke bedrijven opgesteld. U vindt
de lijst in bijlage 1. De volgorde is willekeurig!
Let op!
-
Het overzicht in de bijlage bestaat uit bedrijven
die bij de brandweer bekend zijn. Het is mogelijk dat een bedrijf zich niet
heeft gemeld bij de opstellers van deze brochure. Verspreiding van deze lijst
door de brandweer betekent niet dat de brandweer geen producten van andere
bedrijven zal accepteren.
- Wilt
u als bedrijf op deze lijst staan of zijn de gegevens niet juist, dan kunt u een
voorstel voor wijzigingen en aanvullingen schriftelijk indienen bij het hoofd
Preventie van de lokale brandweer.
- Bedrijven
kunnen geen rechten of recht op schadevergoeding ontlenen aan het feit dat zij
op het overzicht al dan niet vermeld zijn.
- De
brandweer kan met bovenstaand overzicht geen volledige garantie geven voor de
juistheid van de gegevens en de betrouwbaarheid van producten en diensten van de
daarin opgenomen bedrijven.
Informatie
Wanneer u vragen heeft over deze tekst, of
over zaken op het gebied van brandpreventie, kunt u contact opnemen met de
afdeling preventie van uw plaatselijke brandweer. Telefoonnummer 0341-567379.
Tot slot
Wij rekenen ook nu weer op uw medewerking om
te zorgen voor gezellige, maar vooral veilige kerstdagen en jaarswisseling, voor
u en uw publiek.
BIJLAGE 1
Impregneren van brandbare materialen
Leveranciers van impregneermiddelen laten
deze toetsen bij TNO volgens de NEN norm 1722 en NEN 6065 klasse 2. Hiervoor
wordt vervolgens een certificaat afgegeven. Inmiddels zijn er ook
impregneermiddelen getest op textiel en papier volgens NEN-EN 13823
(vergelijkbaar met NEN 6065) en NEN-EN-ISO 6940 en 6941 (voor hangend textiel).
Met de producten van de leveranciers die hieronder staan vermeld is het mogelijk
om versieringen zo te behandelen dat ze voldoen aan de eisen in dit document.
Voorwaarde is wel dat de behandeling
vakkundig plaatsvindt. Daarom bevat de lijst ook bedrijven die deze middelen op
vakkundige wijze kunnen toepassen. Voor het impregneren van brandbare materialen
kunt u bij gecertificeerde bedrijven terecht.
In deze lijst vindt u bedrijven die
impregneermiddelen verkopen én bedrijven die de middelen toepassen, of beide.
Flame Guard BV
Hulzenseweg 10-20
6534 AN NIJMEGEN
024-3789581
info@flameguard.nl
Catagorie A,Y |
Gerco Beveiligingen b.v.
Bergambachtstraat 3
2871 JB Schoonhoven
0182-383577
info@gerco.nl
Categorie:C,Y |
AVB
Brandbeveiliging
Schutsboom 17
4847 HZ Teteringen
076-5871649
info avb @ concept.nl
Categorie: Z |
Bolderdijk Brandpreventie
voor klanten alleen te bereiken
via RAI Amsterdam
020-5491313
Categorie: Z |
Flame Guard b.v.
Hulzenseweg 10-20
6534 AN Nijmegen
info@flameguard.nl
Categorie: A,Y |
Magma Applicatins b.v.
Rivium Quadrant 94
2909 LC Cappele aan den IJssel
010-2884333
info@magma.nl
Categorie: A,Y |
Van
Lierop Impregneerbedrijven b.v.
Kopersweg 31
2401 LH Alphen aan den Rijn
0172-433514
Categorie: B |
Woodchem b.v.
Noolseweg 2
1261 EC Blaricum
035-5381192
Categorie: B |
Piecom International b.v.
Bovendijk 217
3045 PD Rotterdam
010-4188379
info @piecom.nl
Categorie: Z |
P & M service
Batterijlaan 9
1402 SL Bussum
035-6936878
Categorie: A, Z |
Inprodis
Ltd
Handelsweg 8M
9804 TK Noordhorn
0549-504540
info@inprodis.nl
Categorie: A |
|
Categorie:
A=
bedrijf is leverancier van impregneermiddelen (geen specifieke toepassing
vermeld)
B=
bedrijf is leverancier van o.a. impregneermiddelen voor rieten daken
C=
bedrijf is leverancier van o.a. impregneermiddelen voor hout
Y=
bedrijf impregneert met eigen materialen
Z=
bedrijf impregneert met materialen van derden |